Molen Slijp- en volmolen, Utrecht

Utrecht, Utrecht
v

korte karakteristiek

naam
Slijp- en volmolen
modeltype
Wipmolen
functie
slijpmolen, volmolen
bouwjaar
verdwenen
toestand
verdwenen
Toon op Google Maps met andere molens in de buurt  
Toon op Google Maps met andere molens in de buurt
Ten Bruggencate-nr.
08163
oude dbnr.
V8163
Meest recente aanpassing
| Conversie

locatie

plaats
Utrecht
plaatsaanduiding
aan de Vaartsche Rijn o.z./ Buiten de Tolsteegpoort
gemeente
Utrecht, Utrecht
streek
Vechtstreek
geo positie
X: 136604, Y: 453769
N: 52.07190, O: 5.11889

constructie

modeltype
Wipmolen
krachtbron
wind
functie
plaats bediening
plaats kruiwerk
middenkruier
kruiwerk
zetelkruier
afbeelding van onze ondersteuners

geschiedenis

toestand
verdwenen
bouwjaar
verdwenen
geschiedenis
In 1624 vroeg Jan Court van Essen een stukje grond op de Abramdolenakker langs de Vaartse Rijn aan om daar een rosslijpmolen te mogen plaatsen, teneinde toch ook te kunnen werken als er geen wind was.

Hieruit volgt, dat hij reeds een windmolen in gebruik had (zie afbeelding bij Tenbruggencatenummer 11149).

Het slijp-bedrijf werd in 1627 verplaatst naar de westelijke Weerdgracht, zie daarvoor de Stadsslijpmolen (Tenbruggencatenummer 11178).

De molen aan de Vaartse Rijn bleef niet als slijpmolen in gebruik, maar werd tot volmolen omgebouwd.

In 1639 wordt Jan Cubes van de Stadvolmolen (Tenbruggencatenummer 08170) als eigenaar vermeld.

In 1670 vroeg Van Pesch remissie van verschuldigde erfpacht van ƒ 16,00 en windgeld van ƒ 1,00 tien stuivers ten behoeve van de zeemleerfabriek door hem ingericht in de slijp- en volmolen aan de Vaartse Rijn.
-----

In 1635 kregen nieuw in Utrecht gevestigde drapeniers toestemming een nieuwe volmolen aan de oostzijde van de Vaartse Rijn te plaaatsen. Het kostte hun jaarlijks ƒ 2,- recognitie, en er mocht een watertoevoer naar de molen gegraven worden.
-----

In 1645 werd opnieuw de bouw van een volmolen aan de Vaartse Rijn in gang gezet, nu door Eusebius Brandsz en enige anderen. De stad fincierde de molen met ƒ 800,- ter bevordering van de lakenindustrie. Dit werd een grote achtkante molen.

Rond 1657 werd de molen illegaal ook als zaagmolen gebruikt, aan deze activiteit werd snel een einde gemaakt.
-----

NB Het is onduidelijk of het hier drie maal dezelfde molen betreft, of drie verschillende.

Bron: "Zes eeuwen molens in Utrecht", W.A.G. Perks. Met dank aan H. v.d. Kaay.

aanvullingen

trivia
Volgens bewaarde archieven werd in 1660 door een van mijn voorvaders het volgende verzoek aan Burgemeesters en Vroedschap van de stad Utrecht gedaan:
"Jacobus van Pesch, borger te utrecht, geeft oormoedig te kennen voornemens te zijn zeemleer te willen bereiden in de door hem gekochte slijp- en wulmolen die zich bevindt "aen den Vaertsen Rijn op den Rijnacker".
Bron: Acte uit 1670 (Utrechts Archief 708-22 1170).
R.E. van Pesch.